Een kloek besluit

Achter het huis, waar Gijs als kind woont, ligt een tuin. De tuin is niet heel groot. Misschien tien bij zes meter. En ligt, ingesloten tussen andere tuinen, midden in Rotterdam. Je kunt de tuin alleen maar van binnenuit betreden. Dat weerhoudt de bewoners niet er een kleine dierenfarm op na te houden. Een stukje vrijheid midden in de stad. De meeste dieren worden gehouden voor eigen gebruik. Het is een broodnodige aanvulling om het grote gezin te voeden. De dieren verdwijnen veelal, na verloop van tijd, dan ook in de braadpan. Zo is het inmiddels al een hele konijnenfamilie vergaan. Daar zit een verhaal aan vast.

Één volwassen konijn heeft jongen gekregen. Maar moeder konijn wordt ziek.
Zo ziek, dat ze dood gaat. Wat nu? De kleintjes zullen zeker ook doodgaan als ze niet verzorgd worden. De nog heel kleine konijntjes worden daarom naar binnen gehaald en gevoed. En hoe eenvoudig kan het zijn. Ze blijven nu ook gelijk maar voor goed in de huiskamer. En zo is het goed mogelijk, dat bij binnenkomst, er een konijntje voor je uit huppelt.

Als ze eenmaal voor zichzelf kunnen zorgen is de pret over. Ze gaan terug naar hun hok. Maar dit hebben zij toch alvast. Er zijn ook twee ganzen.Die flaneren deftig tussen de kippen. En kwaken luidruchtig boven de kippen uit.  De kippenren staat langs de hoge houten schutting. Het is een lange ren. De kippen hebben er heerlijk de ruimte. Als de kippen, die nu in megastallen leven, het konden zien, zouden ze hun ogen uitkijken. Al kijken deze kippen weer, met jaloerse blikken, naar de loslopende schildpad. Waaruit maar weer blijkt: alles is relatief!

4d-kippenhok

Naar Limburg

Gijs is in 1943 zeven jaar. Het is oorlog. Samen met de drie oudste kinderen van het gezin vertrekt hij naar Limburg. Daar is het veiliger dan in Rotterdam.
Het wordt georganiseerd vanuit de kerk. Hele schoolklassen worden overgebracht naar Limburg. Ze worden daar opgevangen, en geplaatst in gezinnen. Gijs komt terecht op een boerderij waar ze al elf kinderen hebben.
En daarbij, ook nog een onderduiker! Het wonen op een boerderij vindt Gijs, als stadskind, geweldig.

Op een dag komen er twee postduiven op de boerderij aanvliegen en strijken daar neer.  Ze zijn niet meer van plan te vertrekken. En blijven er. Gijs gaat voor de diertjes zorgen. Hij vindt ze prachtig. Het worden zijn duiven. En hij is er heel gelukkig mee.

images

In 1943 gaat Gijs, voor een poosje, terug naar Rotterdam. Hoe moet dat nu met de duiven? Gijs wil ze het liefst meenemen naar Rotterdam. En ze mogen mee! Op de kleine farm is ruimte genoeg. Daar kunnen de duiven best bij. Ze kunnen, om te wennen, eerst een poosje in het kippenhok bivakkeren. En dat gaat allemaal prima! Maar niemand heeft er erg in dat één damesduif broeds is geworden. Echter, ze heeft geen ei. Tot ze in het leghok een ei van haar gading ziet liggen. Ze neemt een kloek besluit: het is tijd om moeder te worden!  Als een pauw zo trots, zit ze even later op het kippenei. Ze bewaakt, als een zorgzame, aanstaande moeder het ei. De hele duivenbroedtijd zit ze geduldig uit. Achttien dagen lang!

Na achttien dagen is er nog steeds niets gaande in het ei. De duif wordt onrustig. Ze snapt er niets van. Ze heeft toch goed gezorgd. En nu dit? Haar achttien broeddagen zitten er echt op. Ze luistert naar haar instinct en stapt uit het leghok. Het is genoeg geweest. Ze houdt het voor gezien!  Éen van de kinderen ziet het en loopt naar zijn moeder.Hij roept: “de duif is van het ei. De duif is weg!” Zijn moeder komt al aanlopen Samen lopen zij naar het leghok in de kippenren. Daar ligt het ei. En de duif is er inderdaad van af! Als ze niets doen gaat het kuikentje, vlak voor zijn geboorte, alsnog dood. Had die duif nou maar drie dagen langer gebroed: de broedtijd van een kip. Dan zou er niets aan de hand zijn.

De duif beziet alles van een afstandje. Sorry, maar ik heb mijn werk gedaan!

Geboorte

Wat nu? Zonde toch dat kuikentje? Moeder staat met het ei in haar handen.
Het is nog goed op temperatuur. En opeens weet ze het. Met een resoluut gebaar stopt ze het ei in haar BH. Het ventje kijkt toe. “Zo komt het vast uit” zegt moeder tegen hem. Waar zit het beter dan hier om op temperatuur te blijven? Heel veilig bovendien!  Na drie dagen komt er leven in het ei. Het kuikentje wil uit de schaal breken. Er wordt een kruik gewarmd. De warme kruik wordt bij het uitkomende ei gelegd. En zie, na een poosje wurmen, voltrekt zich het wonder: het kuiken breekt uit de schaal. Er is een kuiken geboren! Alle moeite wordt beloond.

id233681-eerste-kuikentje-550x500-n

Het kuikentje vindt een blij onthaal in het grote gezin. Het loopt, wiebelend op zijn kleine pootjes, rond in de huiskamer. Alsof het zo hoort. Er wordt een warme lamp neergezet waar het onder kan kruipen. Want teveel afkoelen zou funest zijn. Kortom, alles, maar dan ook alles, wordt in stelling gebracht na
deze blijde geboorte Het kuikentje krijgt een warm plaatsje in het gezin. Het pikt tijdens de maaltijd de kruimeltjes van tafel. Het hoort er helemaal bij!

Dit bericht is geplaatst in vroeger. Bookmark de permalink.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.