Een kolfje naar mijn hand

Dit keer snel weer een nieuw blogje.

We schrijven het jaar 1982. De kinderen gaan uitvliegen. Leuk vind ik het niet, maar zo is wel het leven. Judith heeft zich geïnstalleerd in Amsterdam voor de Theologiestudie aan de VU. En Anton staat ook al in de steigers om te gaan studeren in Amsterdam. Het wordt stiller in huis.

’s Ochtends voor dag en dauw kan de telefoon gaan met een noodkreet of ik wil invallen
voor een zieke leerkracht. Het is dan haasje repje geblazen. Vooral toen de kinderen nog klein waren was het rennen om alles te regelen en om tijdig op mijn bestemming te zijn. En nu komt er meer vrije tijd aan. Zou ik niet kunnen gaan werken? Al is het maar voor een dag of twee in de week. Mijn oude beroep als kleuterleidster weer gaan oppakken?
En eigenlijk zonder geloof in een goede afloop, solliciteer ik voor kleuterleidster op een grote basisschool in Rotterdam. Toen ik begon als kleuterleidster stond het kleuteronderwijs nog op zich zelf. Inmiddels is het ondergebracht en samengevoegd in het basisonderwijs. De scholen werden daardoor groter. De hele lagere schooltijd duurt nu acht leerjaren. En leerkrachten kunnen nu kiezen of zij in de onderbouw of in de bovenbouw willen werken.

Mijn sollicitatie is een feit. En nu afwachten hoe het loopt. Zal ik worden uitgenodigd voor een gesprek? Je weet tenslotte nooit hoe een koe een haas vangt. En zowaar het gebeurt. Ik mag mijn sollicitatie komen toelichten, wat al een hele eer is. Maar ik word ook nog aangenomen en mag komen werken daar. Het is echt een lot uit de loterij dat ik weer werk vind. En het werk waarvoor ik ben aangenomen is nog bijzonder leuk ook. Er is een leerkracht nodig die met anderstaligen, en met kinderen die leerproblemen hebben gaat werken. Of ik dit werk wil gaan doen, is hun vraag. Het is een pioniersbaan want er is nog weinig lesmateriaal voor anderstaligen voorhanden. Ik zal vooral zelf moeten nadenken hoe ik de kinderen wegwijs ga maken in de Nederlandse taal. Wegen moeten vinden om onze schone moedertaal aan hen over te brengen. Het is een kolfje naar mijn hand: met vijf a zes kinderen werken aan taalvorming. Vooral het kleinschalige vind ik bijzonder aantrekkelijk.

Het is een internationale school. Er zitten kinderen op van twee en twintig nationaliteiten. Organisatorisch en didactisch is dit een enorme uitdaging voor leerkrachten. Veel allochtone kinderen hebben moeite de Nederlandse taal onder de knie te krijgen. Terwijl in het achtste leerjaar ook deze kinderen gewoon moeten doorstromen naar het vervolgonderwijs

Alles is vreemd
Nu er in Europa een ongekende ramp plaats vindt en miljoenen vluchtelingen op drift zijn voor het oorlogsgeweld, denk ik aan mijn werk van toen. In die tijd komen er veel gastarbeiders naar Nederland. Vaak op uitnodiging van de regering, omdat hier werknemers nodig zijn. Nu, nog meer dan toen, vraag ik mij af hoe die kinderen zich voelden toen zij vanuit hun veilige omgeving op onze school terecht kwamen. De kinderen die een broertje of zusje in een hogere klas hadden voelden zich nog enigszins beschermd. Maar om als vierjarige alleen, in een totale vreemde omgeving terecht te komen, moet heel beangstigend zijn. De juf is vreemd, praat anders dan moeder thuis. Ze begrijpt je niet. En met de kinderen naast je kun je ook niet praten. En moeder is naar huis gegaan. Nee, er is niets leuks aan!

Het kamertje is klaar. Ik heb het zo gezellig mogelijk gemaakt. Wat vertrouwde dingen uit andere culturen opgehangen en neergezet. En nu loop ik door de lange gang van de school om kinderen op te halen voor mijn les. Als ik in de deuropening van het lokaal sta komen de kinderen voor het “kleine kamertje” al naar mij toe. Ze gaan vandaag voor de eerste keer met mij mee en kijken een beetje bang. Alles is nieuw vandaag. Als zij in het kamertje zijn en hun stoeltjes zien staan gaan zij opgelucht zitten. Het is heel huiselijk met vijf kinderen aan één tafel.
We gaan eerst maar eens een naamrondje doen. Je naam uitspreken geeft iets eigens. En als de juffrouw, na enig oefenen die naam ook nog goed uitspreekt, zijn we al weer een klein stapje verder. De juffrouw kent nu in ieder geval je naam en weet wie je bent. Langzaam glijdt de spanning van hun gezichtjes af.
In mijn archief heb ik nog schoolkranten liggen uit die tijd. Ik ben blij dat ik ze heb bewaard. Als ik ze lees is het alsof ik daar weer zit. Ik geniet weer van het kringgesprekje. En ik zie weer hoe de kinderen hun best doen en zoeken naar Nederlandse woorden. Maar ook hoe goed het hen doet, even in een kleiner verband aandacht te krijgen. De taal is een grote barrière maar kinderen passen zich snel aan. Het is ook weer verbazend hoe snel zij het Nederlands oppakken.

Christelijk onderwijs
De school staat in een drukbevolkte wijk van Rotterdam- Zuid. Er staan veel andere “openbare scholen” in de omgeving. Wij vinden het verbazend dat er zoveel ouders uit andere culturen kiezen voor Christelijke onderwijs. Ze kiezen heel bewust, weten echt wat ze doen. Op school gaat alles gewoon door. We vieren zoals altijd, onze Christelijke feesten en alle kinderen vieren het gewoon mee. Slimme kinderen maken soms een verbinding naar hun eigen geloof.

Mijn lesprogramma loopt in grote lijnen synchroon met het klasgebeuren. Waar de juf in de klas mee bezig is, wordt hier herhaald. Mijn taak is de kinderen een extra zetje te geven met materiaal dat hen aanspreekt. Met plaatjes en voorwerpen, begrippen meer aanschouwelijk maken. Zingen en opzegversjes zijn heel gezellig, een aansprekende methode voor kleuters om een taal te leren. Dat doen we dan ook veel en graag.
Als de kinderen terug gaan naar hun lokaal maak ik een kort verslagje over ieder kind. Daarna hetzelfde ritueel een nieuw groepje kinderen ophalen.

Niet wegkijken
Mijn verhaal is een herinnering hoe wij als leerkrachten ons inzetten voor onderwijs aan allochtonen kinderen. Onze school werd een “ontmoetingsschool” genoemd! Het voelde als een Christelijke opdracht.
De problemen van nu zijn heel anders. Complexer, ik weet het. De bange vraag van nu is: zijn er wel oplossingen denkbaar die hout snijden? Iedere hulp lijkt een druppel op een gloeiende plaat. De angst dat de problemen onbeheersbaar worden kunnen ons in een wurggreep houden en bang maken. Maar het leed en het verdriet van al die miljoenen vluchtelingen houdt mij vooral bezig. Ik hoop en bid dat politieke leiders oplossingen vinden voor al het geweld dat over onze wereld raast. Dat zij begaanbare wegen vinden voor het gekrakeel dat er is over de vraag hoe er moet worden geholpen. Hoe moeilijk alles ook ligt: ik wil niet angstig wegkijken en weglopen alsof het mij niet aangaat!
Tegelijk wil ik niet dat de problemen mij verlammen, maar doorgaan met het leven. De generaties voor ons hebben ook voor schijnbaar onoplosbare problemen gestaan. Wat dat betreft geldt voor iedere tijd wat de Bijbel zegt: er is niets nieuws onder de zon!

U kunt ook gratis abonnee worden op mijn blog. Van ieder nieuw artikel dat ik publiceer krijgt u dan voortaan bericht. Klik op “subscriber” in de rechter kolom!

Dit bericht is geplaatst in Geen categorie, vroeger met de tags , , , , , , , , , , , , , , , . Bookmark de permalink.

8 reacties op Een kolfje naar mijn hand

  1. Ellen schreef:

    Wat schrijft u toch mooi! Eindelijkt staat uw blog op mijn linklijstje.
    Ellen uit Zwitserland 🙂

    • Mee op de wind schreef:

      Dat heb ik gemerkt en gezien Ellen, en ik ben er heel blij mee. Mijn dank. Ik lees je blog met veel interesse en plezier. Daarom staat jouw blog : Welkom bij Ellen in Zwitserland nu ook bij mijn links. Mijn linklijstje is “nog” kort. Dit is een bewuste keuze. Ik ben niet meer zo jong en moet er voor waken dat alles rond mijn blog hanteer blijft. Technisch alleen al is het best inspannend, maar tot nu lukt het allemaal. Leuk dat je hebt gereageerd! Met een groet van Maaike

  2. Carol schreef:

    En ik ga de volwassenen, de nederlandse taal bijbrengen.
    Ben gecertificeerd Taalcoach.
    Vanaf vorige week dinsdag, zit ik ook regelamtig in de Bibliotheek bij Taalpunt.
    Informatiepunt voor Laaggeletterden

    • Mee op de wind schreef:

      Dat lijkt mij nu echt heel leuk om te doen Carol! En ik denk ook dat je er geschikt voor bent want volgens mij je geduldig genoeg! Heel leuk voor jezelf en geweldig dat je hulp aanbiedt.Veel geduld, inspiratie en plezier gewenst.
      Groetjes van Maaike

  3. Dirk van Nieuwkoop schreef:

    Ha Maaike,

    Mooi, mooi, mooi.
    En …… actueel!

  4. wilma schreef:

    je zou er mss nog best het geduld voor hebben om wat jonge vluchtelingen wat van de taal bij te brengen. Kinderen leren vlug. Soms denk ik weleens dat het onderwijs. vroeger toch duidelijker was als vandaag de dag. Er komt nu zoveel bij kijken.
    Hoop dat deze vluchtelingen ook snel Nederlands leren en als je echt wil lukt dat best.Een taal leren duurt lang als je je eerst maar verstaanbaar kunt maken.
    Groet, Wilma

    • Mee op de wind schreef:

      Dag Wilma, leuk wat je schrijft over dat geduld hebben, ik denk dat ik dat nog wel heb. Ik zou het ook nog heel graag doen, maar als je ouder wordt kost alles meer tijd. Met andere woorden: de tijd ontbreekt mij. Bovendien rollen er nog veel verhalen door mijn hoofd die ik wil schrijven en dat kost ook veel tijd. Ik hoop dat er veel jongeren het vluchtelingenwerk zullen oppakken. Want je hebt gelijk; dat het nodig is voor hen en mooi voor je zelf om het te mogen doen! Met een vreemde taal omgaan daar weet jij alles van. Zo wij hebben weer even contact.Heel gezellig Wilma,je reactie. Mijn dank! Met groetjes van Maaike

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.